Weer een bewogen week!

17 december 2017 - Sengerema, Tanzania

Ik schrijf dit blog tijdens een weekendje in Sengerema, buiten op het terras met het gezang van het kerkkoor, het is een missie ziekenhuis, op de achtergrond gedurende het hele weekend.

De week begon redelijk rustig maandag met zoals altijd de overdracht, gevolgd door het ontbijt met havermoutpap voorafgaand met het tweede gebed van de dag, de eerste was voor de ochtendoverdracht. Daarna rustig ward rounds gedaan en daarna lekker geluncht met de lekkere lunch gemaakt door onze lieve mama’s. ’s Middags nog even terug om labbriefjes te doen en het beleid daar op aan te passen als het nodig was. Lekker rustig middagje dus wij waren vroeg klaar, lopen we op weg naar huis door de kinder IC, vragen de nurses ons om hulp om infuus te prikken en bloed af te nemen. Wat als je er over nadenkt best wel suf is, omdat zij dit dagelijks doen bij donkere kindjes en wij en weinig ervaring hebben en  alleen ervaring hebben bij blanke kindjes. Gelukkig was Marlene er ook en die had ook goede infusen bij zich, want de naalden hier zijn echt bot. Uiteindelijk was er één kindje wat heel moeilijk te prikken was, waar we uiteindelijk na een uur het hoofd hebben geschoren om op een ader op het hoofd het infuus te prikken, het zakje bloed wat er in moest hing er namelijk al zo lang dat alle rode bloedcellen naar onder waren gezakt en er een vloeistof spiegel te zien was.

De volgende dag begon net zoals de vorige dag afgezien van het feit dat toen we op de kinderafdeling kwamen, we gelijk door de nurse naar een ziek kind werden geleid die diezelfde ochtend nog binnen was gekomen. Het bleek om een intoxicatie te gaan. Het kind was bewusteloos en had om de paar minuten een convulsie. Bij verdere navraag bleek dat het 3 jarige kind de avond ervoor een pesticide had gedronken dat in een waterflesje was gedaan. Daarna was het gaan braken en hadden ze het melk gegeven. Omdat het onduidelijk was welk gif het precies was, konden we niet heel gericht iets doen. Het enige wat we konden doen was de convulsies behandelen en atropine geven ,omdat het hoogst waarschijnlijk een organofosfaat was. Gelukkig had ik nog diazepam in een spuit in mijn zak, ongebruikt. Hij had al een infuus en vocht dus dat hoefde we gelukkig niet te doen. Echter nadat we de diazepam hadden gegeven, ging hij apneus doen, waarbij hij echt langdurig stopte met ademen. Goed begin van de ochtend. Ondertussen waren we met z’n drieën hem stabiel aan het houden. Ademweg open gehouden en met stimulatie ging hij iedere keer wel weer ademen, godzijdank. Ondertussen een nurse atropine laten halen en besloten dat we hem naar de volwassen IC zouden brengen om hem ook zuurstof te geven. Eenmaal op de IC aangekomen leek hij een beetje wakker te worden en probeerde de zuurstofbril uit zijn neus te trekken en werd onrustig.  Achteraf gezien was dit in de eerste 48 uur het enige moment dat hij uit zijn status epilepticus is gekomen. Nadat hij dus even onrustig was geweest ging hij, ook onder de atropine, weer meer convulsies doen waarna we nog meer anti-epileptica gestart zijn. De hele ochtend hebben we hem moeten stimuleren zodat hij bleef ademen. Zijn pupillen wisselden van heel groot naar heel klein tot pin points. Ondertussen was Marie-Jose (de Nederlandse Non) ook betrokken omdat de IC een beetje haar afdeling is. Er moest een katheter in, waarvoor we uiteindelijk een maagsonde hebben gebruikt (waar alle urine naast liep), en we mochten niet te veel anti-epileptica geven terwijl hij nog in de status epilepticus zat en wij meer hadden berekend. Maar goed, we waren allemaal erg bezorgd en probeerde hem zo goed mogelijk er door heen te helpen.

We vreesden voor zijn leven en dachten niet dat hij de nacht zou overleven. Wonderbaarlijk genoeg is het de hele nacht goed gegaan en zagen we ’s ochtends niet zijn dossier bij de overdracht als sterfgeval. De volgende dag deed hij gelukkig geen apneus meer, maar hij was nog steeds bewusteloos met een EMV van 3, wat een diepe coma is. Hij reageerde niet eens op een pijnprikkel. Ik was er van overtuigd dat hij de middag niet zou halen. We zijn nog weg gelopen omdat we er niet bij wilden zijn als hij ging. Echter ’s middags was de situatie nog het zelfde en bleef hij de hele dag wel redelijk stabiel.

Donderdagochtend toen we weer kwamen kijken was het nog hetzelfde, maar had moeder wel het potje met het gif mee genomen zodat we eindelijk konden zien wat hij nou had genomen. Toen bleek dat we eigenlijk best wel goed beleid hadden gevoerd en niet veel meer hadden kunnen doen dan de convulsies behandelen en atropine geven. Dat was al wel een opluchting want we waren al twee dagen dingen aan het doen waar we niet echt zeker van waren, met een beetje hulp op afstand van de ouders van Eefke die kinderintensivist en kinderarts zijn.

Later op de dag rond lunch tijd zijn we weer gaan kijken en tot onze grote verbazing zat hij rechtop in bed en was zijn moeder hem uji(pap) aan het geven. Hij had zijn ogen half open, ook omdat hij nogal gezwollen ogen had door al het vocht dat we hem hadden gegeven, en reageerde op zijn moeder. Later in de middag zagen we hem zelfs zelf mais eten. Onze verbazing kon niet groter zijn en we waren natuurlijk ontzettend blij, maar we maakten ons ook zorgen over wat de prognose is. Hij had dagen in een coma gelegen, met insulten en zuurstof te kort. Schade aan zijn brein is onvermijdelijk. Echter op vrijdag was hij nog weer een stukje vooruit gegaan. Hij was de hele dag aan het huilen om zijn moeder en had gevraagd om naar huis te gaan. Ook had zijn moeder hem gepusht om een stukje te lopen, door hem naar haar toe te laten lopen. Er zat nog wat vooruitgang in. Marie-Jose had ons zelfs gefeliciteerd met het feit dat we het zo goed hadden gedaan.

Het weekend zijn we ook nog even wezen kijken, omdat we toch in Sengerema waren gebleven en niet naar Mwanza waren gegaan. Marie-Jose had hem al weer naar de kinderafdeling gestuurd, hij lag te slapen maar zijn moeder zei dat het goed ging.

Naast deze jongen waar we erg druk mee waren deze week, waren er ook nog iets van 4 kinderen met een Hb van 1.9 g/dl (normaal 13 g/dl) met Malaria die erg nodig bloedtransfusies nodig hadden. Waarvan een meisje die dus ook bloed nodig had, maar omdat we geen voorraad hebben moeten ouders of familieleden bloed doneren. Bij dit meisje was haar moeder hoog zwanger en haar zus was te licht, dus mochten die geen bloed geven. Marlene had daarom al bij binnenkomst een half zakje bloed gedoneerd, maar toen was haar Hb nog te laag omdat ze zo laag zat bij binnenkomst. Dus moest ze nog een keer een bloedtransfusie krijgen. Na wat rond vragen binnen onze groep, wilde Sanne nog wel een half zakje bloed geven en zij was had O negatief dus dat kon ook. Dus wij met het dossier van het meisje naar de bloedbank. Waar de man van de bloedbank eerst de bloedgroep gingen verifiëren door letterlijk bloed op een glaasje te doen en er anti-A, anti-B en anti-rhesus bij te druppelen en te kijken of het ging stollen. Wat niet zo was, dus ze was O negatief. Daarna moest het nog gecontroleerd worden op HIV en Hepatitis B. Vervolgens gaat ze op een stoel zitten, krijgt een dikke naald in haar arm met een zakje eraan waar het bloed in stroomt, gewoon rustig blijven zitten want het wordt niet vast geplakt. Deze wordt op een krukje er naast gelegd en de man mengt het bloed en de antistolling in het zakje in het begin een beetje en 10 minuten later hadden we een half zakje bloed. Nog een paar keer je naam ergens neer zetten dat je het meeneemt en je mag gaan. Dus daar gingen we dan met ons verse zakje bloed wat net nog in Sanne zat, gewoon over de paden door het ziekenhuis naar de kinderafdeling. Daar aangekomen spreken we een nurse aan en zeggen wil je dit aanhangen, waarbij het tien minuten later aanhangt en inloopt. Heel bizar, maar het werkt goed.  

Tevens was er nog een meisje deze week die bewusteloos binnen kwam met zeer waarschijnlijk ernstige Malaria en vanuit een ander ziekenhuis kwam. Daar had ze al een gift Artesunaat gehad tegen de malaria. Echter was ze nog steeds bewusteloos en daarom door gestuurd naar ons. Kan je nagaan wat voor ziekenhuis dat andere ziekenhuis is als ze nog minder kunnen dan ons.. Wij zagen haar ‘s middags en hebben gewoon gezegd geef maar Artesunaat zoals normaal, beetje vocht met glucose en dan is ze hopelijk morgen wakker, meer konden we op dat moment niet doen. Gelukkig was dat ook zo, wel hebben we de behandeling 2 dagen verlengd omdat ze nog niet helemaal goed was.

Deze week bewijst wel dat je soms gewoon moet doen wat je denkt dat goed is en dan op hoop van zege. Gelukkig gaat het tot nu toe aardig goed. Het vreemde is dat het al wel went ofzo. De situatie is hier zo anders dan in Nederland, maar je doet wat je kan hier ook al is dat soms niet veel. Het is soms wel frustrerend dat dingen die in Nederland zo makkelijk voor elkaar zijn hier heel veel moeite en vooral tijd kosten. Bijna alle zorg van de kinderen hangt hier van de ouders af. Dus als je adequate ouders hebt, krijg je op tijd je medicatie door op tijd naar de nurse te gaan of door dat je ouders je op tijd je pillen geven, ga je naar de wondverpleegkundige om je wond schoon te laten maken en smeren je ouders zalfjes drie keer per dag als dat nodig is, heb je schone lakens omdat je familie de kitenge wast waar je op ligt en heb je eten omdat je familie eten maakt en brengt. Als je dus geen familie hebt, heb je het heel moeilijk. Er is dan nog wel de social welfare in het ziekenhuis, maar goed die kunnen ook niet alles en dan hebben we het nog niet over geld gehad. Gelukkig is er wel een poor fund waar je heen kan als je echt geen geld hebt voor medische zorg of zelfs eten terwijl jij of je kind in het ziekenhuis ligt, dit wordt geregeld door de nonnen.

In ieder geval gingen we uiteindelijk met een goed gevoel het weekend in, hopend dat onze jongen het nog beter zou doen.

Vrijdagavond besloten we met Marjolein, een kinderarts die tijdelijk hier was voor het malnutrition project, om varken te gaan eten bij de ‘ICT’-man van het ziekenhuis: Modest. Hij heeft in Sengerema mission vlakbij het ziekenhuis een soort bar/café/restaurant. Daar kregen we ugali (kleverige substantie gemaakt van maismeel) met geroosterd varken, wat best wel lekker was. Je moest met je handen eten, dat is heel normaal hier, en vooraf gaan ze dan met een bak en beker met water langs zodat je je handen beetje kunt wassen.  Dus lekker met ‘schone’ handjes geroosterd varken gegeten met Ugali.

Daarna wilden we allemaal nog wel ergens heen, dus besloten we te vragen of er ergens een discotheek ofzo was. Volgens andere Afrikaanse connecties via het ziekenhuis was er blijkbaar eentje. Dus besloten we daar heen te gaan, taxi gebeld, met z’n zessen in één taxi. Past allemaal hier, niemand doet moeilijk, twee op de passagierstoel, vier op de achterbank. De taxichauffeur wist wel waar het was, dus daar gingen we dan.

We kwamen via een achteraf weggetje ergens midden in de bush terecht waar muziek klonk en mensen waren. Het zag er best gezellig uit. We liepen naar binnen, terwijl iedereen ons aan staarde (daar raak je ook aan gewend), en we kwamen op een soort binnen plaatsje met allemaal soort verhoginkjes met stoelen erop erom heen en er was één man aan het dansen. Wij ging zitten en bestelden een biertje en algauw waren er nog meer mensen aan het dansen, op z’n Afrikaans natuurlijk. Afrikaanse muziek, met Afrikaanse vrouwen die flink met hun kont lopen te schudden met Afrikaanse mannen erachter die allemaal volledig in de maat met hun heupen stonden te draaien. Heel ritmisch allemaal! Op een gegeven moment nog eventjes mee gedaan met een dans waarbij iedereen dezelfde (simpele) pasjes deed. Tot op een gegeven moment alle Afrikanen naar buiten renden en even later weer terug kwamen lopen, wij dachten echt wat gebeurd er nou. Wat blijkt, ze hadden de bus gemist, pole. Toen zijn we ook maar naar huis gegaan. Weer met z’n allen in de taxi terug, die toen we belden en begonnen met: Habari za kazi? (hoe is het op je werk?) gelijk al zei: I’m coming, I’m coming!

De volgende dag lekker uitgeslapen, om daarna rond het middag uur een wandeling te maken naar Sengerema town via de airstrip, een lang recht stuk onverharde weg (er landen geen vliegtuigen), om daarna langs alle huisjes, door de kleine dorpjes, langs mais en rijstvelden en het laatste stukje langs de grote weg in town te komen.  Daar hebben we wat gedronken en wat boodschappen gedaan om daarna weer terug te gaan.

’s Avonds besloten we naar een uitkijkpunt voor de zonsondergang te lopen. De andere richting uit weliswaar maar weer door rijst en mais velden en langs allemaal huizen waar kinderen naar buiten kwamen gerend om naar ons te kijken en ‘How are you?’ naar ons te roepen. Eenmaal bovenop aangekomen kwam er ook een groep kinderen op een paar meter afstand naast ons zitten en er was een groep oudere jongens die aan Eefke haar blonde haar wilde zitten en met haar op de foto haha. Het was wel een mooie zonsondergang, helaas wat wolken voor het laatste stukje, maar we besloten toch iets eerder terug te gaan omdat het anders te donker zou zijn om te zien waar je loopt.

Eenmaal thuis lekker spaghetti gemaakt met saus. Daarna was ik echt uitgeteld en de rest ook, dus we besloten de plannen om nog te gaan dansen ergens overboord te gooien. De rest ging nog een film kijken, maar ik viel echt bijna in slaap dus maar lekker naar bed gegaan.

Zondagochtend wilden we eigenlijk even bij de kerk mis gaan kijken, bij de kerk waar we het hele weekend al  gezang vandaan hoorden komen. Echter iedereen was vrij laat uit bed, dus we kwamen vrij laat aan en het gezang was al opgehouden. Alle kinderen waren buiten en de volwassenen waren in de kerk en kwamen vrij snel naar buiten toen wij er waren. We herkenden nog wat student nurses en een jongen van de zonsondergang van de dag ervoor sprak ons nog aan. Nadat alle volwassenen weg waren, gingen alle kinderen naar binnen. Heel bijzonder, ze stonden allemaal te dringen om naar binnen te gaan en ze sloegen allemaal een kruisje  met wei water toen ze naar binnen gingen. Dat zou in Nederland niet met zoveel enthousiasme gaan denk ik. Toen alle kinderen binnen waren, gingen de kinderen zingen, heel schattig. We besloten een andere keer wat eerder te gaan zodat we het gezang van het koor nog konden horen.

’s Middags kwam de Afrikaanse jongen van Eefke nog op bezoek vanuit Mwanza, waarmee ze op de bootparty had staan zoenen de hele avond. We wilden daarna nog even naar een grote markt vlakbij Sengerema town, toen kwam die jongen wel van pas want hij kon in het Swahili uitleggen waar we heen wilden. Echter toen we in de taxi zaten begon het super hard te regenen dus toen we daar aankwamen besloten we maar gelijk weer rechtsomkeert te maken. Eenmaal thuis we hebben we Chipsie Mayai gehaald op de markt hier vlakbij als lunch. Dat komt ongeveer neer op patat in een omelet, alleen de patat hier is meer aardappel dan patat dus niet echt knapperig, dus meer een aardappelomelet. Lekker met tomatensaus als soort ketchup. De rest van de middag heeft de rest zich vermaakt met 30 seconds met Swahili woorden, echt hilarisch! En nog wat andere spelletjes. Mijn eerste boek is ondertussen bijna uit.

Lekker chill middagje dus en zo is er weer een week voorbij! 

Van reisblog naar fotoboek
Laat een prachtig fotoboek afdrukken van je verhalen & foto's. Al vanaf € 21,95.
reisdrukker.nl

Foto’s

2 Reacties

  1. Peter:
    17 december 2017
    Veel improviseren daar. Wordt straks weer wennen in Nederland met alle protocollen en regels. Wel spannend allemaal.
  2. Carla Koot:
    18 december 2017
    Mooi hoor om weer te lezen. Gelukkig kan je in het weekend wat ontspannen.
    Succes verder.